We krijgen regelmatig de vraag van klanten of we een integriteitstest hebben. Helaas… die hebben we niet! Maar daar is wel een goede verklaring voor: integriteit is heel lastig, misschien zelfs helemaal niet, te voorspellen met een psychologische test.
Vorige week was ik op het symposium van Alles over Assessments. Daar gaf Drs. Jos Loeffen een presentatie waarin hij dit nog eens heel mooi toelichtte en aangaf hoe je integriteit toch, misschien, een beetje in kaart kunt brengen.

 

Betekenis integriteit

Het eerste probleem waar je tegenaan loopt als je integriteit in kaart wilt brengen is dat integriteit heel divers gedefinieerd wordt. Vaak wordt onder integriteit in de basis verstaan hoe gevoelig iemand is voor verleiding of druk, maar stel de vraag “Wanneer is iemand integer?” aan tien verschillende mensen en grote kans dat je toch tien heel verschillende antwoorden krijgt. Vraag je opdrachtgever dus altijd heel duidelijk te definiëren wat hij of zij onder integer gedrag verstaat.

Integer handelen meten

Met een test kun je geen integriteit meten, maar Drs. Jos Loeffen geeft aan dat ze met een uitgebreid interview wel wat aanknopingspunten in kaart kunnen brengen. In zo’n interview worden dilemma’s voorgelegd en diverse instrumenten ingezet, bijvoorbeeld om disfunctioneel gedrag in kaart te brengen (de Hogan Personality Inventory). Een voorbeeld van een dilemma dat drs. Loeffen hierbij geeft was: ‘Stel je hebt geen geld en je kind is ziek. Er is een medicijn maar dit kun je niet voor niets krijgen. Wat doe je dan?’. Je kunt dan aanknopingspunten voor integriteit halen uit de beweegredenen die de kandidaat geeft om op een bepaald moment, onder bepaalde druk overstag te gaan om ‘niet integer’ gedrag te vertonen. Daarnaast gaan ze in het interview in op casuïstiek van de kandidaat zelf.

Ook besteden ze in het interview aandacht aan hoe iemand moreel oordeelt volgens de theorie van Kohlberg. Kohlberg onderscheidt 3 niveaus van moreel oordelen:

  1. Pre-conventioneel: Het denken in termen van belonen of straffen van een individu of groep. Moreel gedrag laten zien om straf te vermijden. Instrumenteel van aard en gebaseerd op uitwisseling (dit voor dat).
  2. Conventioneel : De normen van je eigen (beroeps)groep als waar aannemen. Wederzijdse inter-persoonlijke verwachtingen en conformisme. Moreel gedrag laten zien omdat dit is afgesproken en men het daarom verwacht. Sociaal systemisch van aard en een beroep doen op het geweten, regels volgend waarmee de groep in stand blijft.
  3. Post-conventioneel: Oordelen op basis van algemeen geldende principes in combinatie met zelf kritisch nadenken. Algemene achterliggende gedachte is ‘wat goed is voor het grootste aantal’ (mensen) volgens universeel ethische principes.

Voorspelbaarheid integriteit

Al met al blijft de voorspellende waarde van deze instrumenten tezamen onduidelijk. Het aangeven of iemand al dan niet integer is wordt als beladen ervaren en wordt daarom ook niet zo ‘hard’ opgeschreven. Rapportages worden dan ook opgemaakt aan de hand van voorbeelden hoe een kandidaat in bepaalde situaties waarschijnlijk zal gaan handelen. Het oordeel of dit al dan niet gezien kan worden als integer wordt hierbij dus impliciet overgelaten aan de opdrachtgever zelf. Daarbij is het belangrijk voor de lezer om zich te realiseren wat hij nou wel, maar vooral ook niet kan met de resultaten van het integriteitsonderzoek.
Mocht je overwegen om integriteit in kaart te (laten) brengen, vraag dan dus altijd wat het onderzoek precies meet (sluit dit aan bij wat je wilt weten?) en welke conclusies je mag trekken op basis van het gegeven advies.

Mocht je de opdracht krijgen om integriteit in kaart te brengen, vraag dan goed wat de opdrachtgever precies wil weten. Misschien geeft bijvoorbeeld onze persoonlijkheidtest wel goede aanknopingspunten.

Hoe geef jij betekenis aan integriteit en integer handelen binnen je onderzoeken? Wij zijn benieuwd naar je ervaring!